Skip to content

Een praktische en positieve gids voor mantelzorgers

Je moet het samen doen!

Ruth Maas is bestuurder van Zorgcentra de Betuwe. Dat is een geheel van negen woonzorgcentra, thuiszorg, behandeling en therapie, revalidatie, ontmoeting en dagactiviteiten. Er wordt gewerkt met het Rijnlands model, waar onder andere zelfsturende teams deel van uitmaken. Dat betekent dat de besluiten worden genomen dichtbij en samen met mensen die bij de zorg betrokken zijn.

Ezra van Zadelhoff sprak met Ruth over haar visie op de rol van familie van mensen met dementie hoe dat vorm krijgt in Zorgcentra de Betuwe.

Wat vind je belangrijk in de omgang met en de samenwerking met de familie van de bewoners van de verschillende zorgcentra?

Tijdens een symposium met mantelzorgers en professionals in de zorg leidde ik een panelgesprek over de rol van familie. Eén van de panelleden deed de uitspraak: “Familie heeft ook een rol in het leven van bewoners.” Waarop ik zei: “Draai het om: Bewoners en naasten hebben de regie. Het is hun leven, zij bepalen wat voor hen belangrijk is. Zij horen onlosmakelijk bij elkaar. Zorgmedewerkers hebben een ondersteunende rol.”  Ik vind dat oprecht terwijl kinderen ook wel zeggen: mijn moeder is nu bij jullie, ik draag haar nu over. Dat is een heel ander uitgangspunt en dat respecteer ik ook.

Hoe werkt dat in de praktijk?

Het gaat er uiteindelijk niet om wie zeggenschap heeft. Het gaat om een gedegen besef dat onze locatie de woning van bewoners is en dat je samen kijkt naar wat hierin past. Het is niet ingewikkelder dan thuis als je het hebt over hoe je een verjaardagsfeestje wilt vieren of op vakantie wilt gaan.

Uitgangspunt is dat invalshoeken van de bewoner, familie en de zorgmedewerker hierin even zwaar wegen. Je moet echt die drie perspectieven meewegen in de besluiten die je met elkaar neemt. Waarin die drie perspectieven overeenkomen, is dat de eigenheid van de cliënt, de kwaliteit van zijn of haar leven voorop staat. De verschillen kunnen zitten in dat professionals bijvoorbeeld ook kijken naar eventuele risico’s die een wens van een cliënt met zich kan meebrengen voor betrokkenen en medebewoners.

Je geeft samen vorm aan de manier van leven die past voor de bewoner en diens naasten. Wat zijn de wensen en mogelijkheden van een bewoner en hoe komt dat samen met de zorg? Sommige familieleden willen niet structureel op bezoek komen, omdat ze aan het einde van hun latijn zijn en anderen willen een actieve rol spelen in het huis en het leven van de bewoner. We kijken per individuele situatie wat kan of niet zomaar kan. Als een familielid bijvoorbeeld één keer in de maand een kipgerecht wil komen koken, dan is dat natuurlijk mogelijk.

Het lijkt alsof er geen beperkingen zijn?

Ruth Maas

Bestuurder Ruth Maas van Zorgcentra de Betuwe

De grenzen liggen bij veiligheid. Als de kip in het kipgerecht dat ik net noemde te rauw is dan kunnen mensen ziek worden. Dat is waarover je contact moet hebben: hoe houd je het veilig? Het gaat er niet om wie de meeste inbreng heeft. Het gaat erom in samenspraak tot de meest optimale uitkomst te komen. Ik vergelijk het soms met mijn relatie met mijn huisarts. Eigenlijk is er tussen haar en mij een vorm van samenwerking waarbij de regie bij mij ligt, maar zij is degene met de kennis van zaken.

Ook heeft niet iedere medewerker een prima contact met alle familieleden. Dat is in het gewone leven ook zo, niet ieder mens ligt je van nature. Maar als medewerker moet je wel in staat zijn professioneel met familie om te gaan. Medewerkers hebben een training omgaan met familie aangeboden gekregen waarbij zij ook naar zichzelf leren kijken: wat roep ik met mijn gedrag op, dat mensen op een bepaalde manier reageren? In mijn visie zou je als medewerker idealiter ook samen met cliënten en familie een training kunnen volgen. Of vaardigheden op andere wijze leren, op de manier die op dat moment het beste past.

Wie besluit of en hoe er training in het samenwerken met familie gegeven wordt?

Besluiten ontstaan bij de basis. Medewerkers kunnen zelf hun behoeften en ideeën aangeven. Dat kunnen kleine initiatieven zijn. We pakken daarnaast thema’s op die breed leven. Bijvoorbeeld over mogelijkheden voor een uitbreiding van de rol van de mantelzorgers die dat willen. Mijn rol hierin als bestuurder is vooral om het proces te faciliteren en mensen met elkaar te verbinden. Maar het thema is niet van mij, dat is van de collega’s en de mantelzorgers.

Waren of zijn er in deze tijd met corona nog specifieke vragen waar je tegenaan bent gelopen in het omgaan met familie en hoe hebben jullie die opgelost?

Hét thema was natuurlijk het gebrek aan contact vanwege de lockdown van alle verpleeghuizen. Ik vind het prachtig om te zien dat de collega’s in de zorg daar zoveel creatieve oplossingen voor hebben gevonden: van een soort pausmobiel tot raambezoek met hoogwerkers, van beeldbellen tot tuinbezoek. Echt mooie voorbeelden van hoe je samen verbinding tot stand brengt!

Wat zou je de overheid (OMT en RIVM) willen meegeven?

Kom niet met gedetailleerde regels.  Geef ruimte aan de huizen zelf, vertrouw op de professie van medewerkers en hun kennis van ziekte en gezondheid en kwaliteit van leven. In samenspraak met cliënten en hun naasten kijk je naar de specifieke omstandigheden en zorg je ervoor dat je het risico op besmetting zo klein mogelijk maakt. Je moet het samen doen en met alle invalshoeken op tafel kun je afwegen en goede keuzes maken die op dat moment bij die situatie passen. Ook dat doe je het beste samen.

 

 

Ezra van Zadelhoff

1 reactie

  1. Fieke Bernts op 10/07/2020 om 17:53

    Een boeiend interview met een bestuurder ! Met haar opmerkingen over wat ze mee zou willen geven aan de overheid ben ik het geheel eens.
    Gelijke monniken, gelijke kappen heeft veel narigheid met zich meegebracht in de corona tijd !
    Een training , familie, zorgmedewerker en cliënt, over de manier van contact en samenwerken, ach daar zou ik veel aan gehad hebben toen ik enkele jaren geleden eerste contactpersoon voor mijn tante was. (Overigens niets dan lof over Huize Rosa! )

Laat een reactie achter