Als je naaste meer zorg en ondersteuning nodig heeft dan jij, thuiszorg en eventuele andere voorzieningen thuis kunnen bieden, kan de tijd aanbreken om te verhuizen naar een woonzorgvoorziening of een verpleeghuis. Op deze pagina vindt je meer informatie hoe je je naaste en jezelf hierop kunt voorbereiden.
Er is geen vast moment waarop thuiszorg stopt. Het is een geleidelijk proces waarbij de zorgvraag groter wordt dan wat thuis mogelijk is. Signalen kunnen zijn: toenemende onveiligheid thuis, ernstige gedragsproblemen, dag-nachtritme omkering of grote vermoeidheid bij de mantelzorger.

Betrek de persoon met dementie zolang dat mogelijk is bij de keuze. Wat vindt hij of zij belangrijk? Wat is vertrouwd? Zijn of haar stem doet er toe, ook als die minder helder wordt.
Begin met zoeken voordat het écht nodig is. Wachtlijsten kunnen soms lang zijn. Bezoek meerdere locaties en vergelijk sfeer, visie en praktische zaken.
Onze checklist helpt je locaties naast elkaar te leggen op de punten die er echt toe doen.
Voor opname in een verpleeghuis heb je een Wlz-indicatie nodig van het CIZ. Jouw huisarts of casemanager kan je hierbij helpen.
In dit filmpje vertellen mantelzorgers hoe ze zich samen met hun naaste en familie hebben voorbereid op de opname. Ook delen ze hoe je het leven daarna weer op kunt pakken en onderdeel kunt blijven van hun leven in het verpleeghuis.
Met dank aan Alzheimer Nederland, Zorgbelang Gelderland, Beatrijs Hoeven en Ezra van Zadelhoff.
Na opname verandert jouw rol, maar verdwijnt hij niet. Je blijft belangrijk voor jouw naaste. Bezoek, aanraking, herkenbare gezichten: dat maakt een groot verschil in het welbevinden.
Bespreek met het team wat je wilt bijdragen. Sommige mantelzorgers helpen mee met eten of activiteiten. Anderen zijn er gewoon aanwezig. Beide is waardevol.
Vergeet ook niet: je hebt tijd nodig om te rouwen om wat je verliest. De overgang naar een verpleeghuis brengt vaak een rouwproces met zich mee.

“De opname was het moeilijkste wat ik ooit heb gedaan. En tegelijk het liefdevollste.”— Mantelzorger, 62 jaar